Zarathustra’s bergrede

Bram Moerland

 

Het is algemeen bekend dat veel verhalen uit het Oude Testament ontleend zijn aan de omliggende culturen van het Joodse volk. Zo komt het zondvloedverhaal van Noach uit het Babylonische Gilgamesj-epos. De eerste vijf boeken van het OT, inclusief het zondvloedverhaal, werden geschreven rond 600 vC, na de terugkeer van Joodse priesters uit de Babylonische ballingschap. Het Gilgamesj-epos, met daarin nagenoeg hetzelfde zondvloedverhaal, dateert van vele eeuwen daarvoor. Het verhaal van Jozef in Egypte is van oorsprong een Egyptisch verhaal, van lang voor het OT samengesteld werd.

Veel minder bekend is dat het verhaal over Mozes die op een berg klimt en daar God ontmoet ook een eerdere parallel heeft. En dat eerdere verhaal gaat over Zarathustra. 
Net als Mozes klom Zarathustra op een berg en ontmoette daar God. Een engel die zich aan hem voorstelde als ‘Jouw bestemming’ nam hem mee de berg op. Daar wachtte God hem op. Die God vertelde hem dat Hij weliswaar de wereld geschapen had en dat Hij daar heel tevreden over was, maar dat er iets aan ontbrak, iets van Hemzelf, namelijk liefde.  En daarom had hij de mens geschapen:
“Ik schiep de sterren, de maan, de zon en het roodgloeiende vuur, de honden, de vogels en de vijf soorten dieren; maar beter en grootser dan al deze schiep ik de rechtvaardige mens.” (Gathas Y31).

De God van Zarathustra legt uit dat Hij de mens geschapen heeft om de schepping te voltooien. Het woord voltooien dien je te verstaan als ‘te voorzien van tooi, te versieren.’ De mens moet de schepping versieren met liefde.
Daartoe plant Hij kennis van goed en kwaad in de harten van de mensen. Hij schenkt elk mens bovendien  kennis van zijn persoonlijke bestemming en de nodige talenten om aan die bestemming te kunnen voldoen. En God zegt tegen Zarathustra:
“Laat daarom een ieder voor zichzelf oordelen wat hij behoort te doen.” (Gathas Y30)

Als een mens handelt in overeenstemming met de kennis van goed en kwaad die in hem aanwezig is, verbindt hij zijn eigen wil met die van God. God voegt daaraan de belofte toe:
"Vreugde voor hem die handelt in overeenstemming met zijn ziel.”

En:
“De eenwording met Mij kan alleen verkregen worden door daden van barmhartigheid.”

God geeft aan Zarathustra de opdracht dit allemaal aan de mensen te vertellen. De reden waarom God dat wil is dat de mensen  zich uitgeleverd hebben aan de machten en daarom in een leugen zijn gaan leven, de leugen van hun eigen bestaan. Handelen in overeenstemming met de kennis van goed en kwaad die in elk mens aanwezig is, is leven in waarheid. Leven in morele slavernij aan de machten is leven in een leugen.

Ik was uiteraard al wel op de hoogte van het bestaan van Zarathustra, maar wilde me daar vorige zomer nader in verdiepen. Er was echter heel weinig literatuur over hem te vinden. Wat er was leek welhaast allemaal van elkaar overgeschreven en nogal oppervlakkig. Ik heb me daarom enkele maanden in de bronteksten verdiept, voorzover nog bestaand en uiteraard in vertaling, want het Parsisch beheers ik niet. En ik moet zeggen dat ik bijna niet kon geloven wat ik las. Ook wat Zarathustra betreft ben ik van verbazing nog niet bekomen. Het heeft me een nieuw inzicht gegeven in de oorsprong en bedoeling van het Oude Testament, en me opnieuw bevestigd in de goede reden van mijn afkeer daarvan.

Het verhaal over Zarathustra werd al geschreven eeuwen voor de Babylonische ballingschap van de Joodse priesters. De eerste vijf boeken van het Oude Testament werden geschreven ná de Babylonische ballingschap. Tijdens de ballingschap hadden de Joodse priesters de leer van Zarathustra in Babel leren kennen. De Babylonische ballingschap speelt zich af ca. 600 vC.

Maar wat een verschil tussen het verhaal over de profeet Zarathustra, die de opdracht krijgt de mensen op te roepen om te leven naar de kennis van goed en kwaad in henzelf, en het verbod op de kennis van goed en kwaad in het paradijsverhaal. Een groter tegenstelling is nauwelijks te bedenken.
Toeval? Ik geloof het niet. Het paradijsverhaal is geschreven door de Joodse priesters die na de ballingschap in Jeruzalem terugkeerden en die bijvoorbeeld in het Bijbelboek Daniël duidelijk laten weten hoe afschuwelijk verdorven ze het heidense geloof in Babel vonden. Het verbod op de kennis van goed en kwaad is nauwelijks anders te verstaan dan als een bedoelde ontkrachting van de prachtige boodschap van Zarathustra tot liefde in vrijheid. Het is bedoeld als herstel van de macht over het Joodse volk van de teruggekeerde priesterkaste, een macht die gebaseerd is op angst.

En dan is er 600 jaar na de Babylonische ballingschap ene Jezus. Zijn boodschap, zeker zoals die is opgetekend door de volgelingen die we tegenwoordig gnostici noemen, lijkt verbazingwekkend veel op de boodschap van Zarathustra die aan het Oude Testament voorafging.
Toeval? Ook dat geloof ik niet. De overeenkomst is te groot, zeker met de gnostische teksten uit Nag Hammadi.
Ook daardoor wordt het me nog duidelijker en vanzelfsprekender dat Jezus bewust heeft gebroken met het angstwekkende beeld van God zoals dat door de teruggekeerde joodse priesters was geschapen, een God die de macht van de priesters met angst moest bevestigen en die de invloed moest keren van de leer van Zarathustra. En daarmee heeft hij vooral gebroken met de macht van de Joodse priesters.
Jezus geeft de morele macht over het eigen leven weer terug gegeven aan de individuele mens, een macht die geworteld is in liefde. Precies zoals Zarathustra dat eerder geleerd had dat God het zo wilde en bedoeld had.

Wie was er eerst? Mozes ging vooraf aan Jezus. Maar voor Mozes was er Zarathustra.
De boodschap van Zarathustra was eerst. De vijf eerste boeken van het Oude Testament zijn een poging van Joodse priesters om de invloed van de nieuwe ideeën van Zarathustra te keren. En dat doen ze later opnieuw door Jezus te laten kruisigen.
Mensen kun je misschien bang maken met een genadeloos straffende God, met hel en vcerdoemenis, maar we kunnen elkaar bemoedigen om die angst te overwinnen. Mensen kun je kruisigen, maar liefde niet.
Nu de macht van de kerken over het geloof van de mensen taant, borrelen de ideeën van Zarathustra en Jezus zomaar weer vanzelf op. In alle vrijheid. Het mooie daarvan is dat je er geen christen voor hoeft te worden of aanhanger van Zarathustra. Het is voldoende mens te zijn met de mensen.

Dit is een tekst van de website www.thomasevangelie.info
U kunt deze tekst downloaden als pdf-document.